Skip to main content

Luchtdichtheidstest

Een luchtdichtheidstest of blowerdoortest wordt uitgevoerd in een gebouw om de luchtdichtheid ervan te meten en om eventuele luchtlekken op te sporen.

De blowerdoortest-apparatuur bestaat uit een ventilator, meetapparatuur om drukverschillen te meten en software.

Indicatoren die de prestatie van de luchtdichtheid van een gebouw beschrijven, worden uitgedrukt voor een welbepaald referentiedrukverschil. In België is dit referentiedrukverschil gelijkgesteld aan 50Pa.

De Blowerdoortest-apparatuur meet de luchtlekdebieten (m³/h) op die gegenereerd worden door de ventilator bij welbepaalde onderdrukken en overdrukken.

De software zal vervolgens de gemiddelde luchtlekdebieten bij het referentiedrukverschil van 50Pa berekenen, en dit zowel voor onderdruk (V50-) als voor overdruk (V50+). Uit deze 2 waarden wordt vervolgens het luchtlekdebiet bij het referentiedrukverschil (V50) berekend.

Indien men deze waarde (V50) deelt door de testoppervlakte (Atest), bekomt men de luchtdichtheidswaarde (v50) van het betreffende gebouw dat door de EPB-verslaggever kan gebruikt worden om in de EPB-software in te geven: v50 = V50 / Atest

Naast de v50-waarde kunnen nog andere parameters berekend worden waaronder het ventilatievoud bij 50Pa (n50): n50 = V50 / Vint Atest en Vint dienen door de opdrachtgever of de EPB-verslaggever aan de luchtdichtheidstester meegedeeld worden.

LUCHTDICHTHEIDSTEST / BLOWERDOORTEST IN 5 STAPPEN

  • STAP 1

    Voorbereiding van het gebouw: openingen, roosters, deuren, ramen, luiken, technische installaties,... behandelen (stilleggen, afdichten, sluiten, openen) volgens de voorschriften (STS-P 71-3)

  • STAP 2

    Apparatuur Blowerdoortest in een deur -of raamopening van buitenschil plaatsen. Metalen kader en rubberen afdichting garanderen luchtdichte plaatsing.

  • STAP 3

    Gebouw in overdruk: ventilator blaast lucht in het gebouw. Ventilator bouwt een welbepaalde overdruk op. Software bepaalt het gemiddelde luchtlekdebiet bij overdruk.

  • STAP 4

    Gebouw in onderdruk: ventilator blaast lucht uit het gebouw. Ventilator bouwt een welbepaalde onderdruk op. Software bepaalt het gemiddelde luchtlekdebiet bij onderdruk.

  • STAP 5

    Software berekent lekdebiet bij het referentiedrukverschil van 50Pa (V50).

  • STAP 5

    Software berekent lekdebiet bij het referentiedrukverschil van 50Pa (V50).

Technische specificaties (STC-P 71-3)

De STS-P 71-3 bepaalt de voorschriften waaraan de luchtdichtheidstester, de behandeling van een gebouw vóór de luchtdichtheidstest of blowerdoortest, de gebruikte apparatuur en de berekeningsmiddelen én het proefverslag moeten voldoen om een geldige luchtdichtheidstest uit te kunnen voeren.

Indien de EPB-verslaggever een luchtdichtheidswaarde (v50) wenst te gebruiken in de EPB-sofware, dient de luchtdichtheidsmeting uitgevoerd te worden door een erkend luchtdichtheidstester en dient de meting te voldoen aan de STS-P 71-3 (Technische specificaties).

De STS-P 71-3 bepaalt de minimale, tussenliggende en de maximale drukken die in overdruk en onderdruk moeten gehaald worden om een geldige meting te bekomen.

Ook de resultaten moeten aan voorwaarden voldoen om als geldig aanzien te kunnen worden.

 

Meer bepaald volgende parameters zullen bepalen of het resultaat van de meting voldoet aan de voorwaarden van de STC-P 71-3:

 

In de STS-P 71-3 wordt een onderscheid gemaakt tussen een luchtdichtheidstest op “kleine gebouwen “ en een luchtdichtheidstest op “grote gebouwen”.

Men spreekt van een “klein gebouw” indien het op te meten volume kleiner is dan 4000m³.

Indien het op te meten volume groter dan of gelijk is aan 4000m³ spreekt men van een “groot gebouw”.

Overzicht van de drukvoorwaarden die van toepassing zijn op “kleine gebouwen”:

Overzicht van de drukvoorwaarden die van toepassing zijn op “grote gebouwen”

Erkende luchtdichtheidstester

Vanaf 01/01/2015 moet elke luchtdichtheidstester erkend zijn door BCCA (certificatie-instelling in de bouw), alvorens deze een luchtdichtheidsmeting of blowerdoortest kan uitvoeren waarvan de v50-waarde door een EPB-verslaggever in de EPB-software mag ingevoerd worden.

BCCA is een certificatie-instelling die controle uitvoert op uitvoering en rapportering van luchtdichtheidstesten en is eveneens bevoegd om luchtdichtheidstesters te erkennen.

  • Geslaagd voor theoretisch examen

  • Geslaagd voor het praktisch examen

  • Minimale ervaring dient aangetoond te worden

  • Gebruikte apparatuur en software dient conform te zijn

  • Men dient te beschikken over de nodige verzekeringen

  • Men dient te beschikken over de nodige verzekeringen

Het bedrijf waarvoor de luchtdichtheidstester werkt dient eveneens erkend te zijn, wat erop neerkomt dat de zaakvoerder ook een erkend luchtdichtheidstester moet zijn.
BCCA zal een controle doen op 10% van de uitgevoerde blowerdoortesten en 10% op de meetrapporten van de luchtdichtheidstester.
Indien onregelmatigheden worden vastgesteld kunnen maatregelen door BCCA tegen de luchtdichtheidstester getroffen worden die kunnen leiden tot (tijdelijke) intrekking van de erkenning.

Conformiteitsverklaring

Elke uitgevoerde blowerdoortest dient te voldoen aan STS-P 71-3 en EN 13829-norm om bruikbaar te kunnen zijn in het kader van de EPB-regelgeving en dient een conformiteitsverklaring te hebben.

BCCA is een certificatie-instelling die controle uitvoert op uitvoering van en rapportering van luchtdichtheidstesten en is eveneens bevoegd om luchtdichtheidstesters te erkennen.

BCCA vraagt een vergoeding voor elke afgeleverde conformiteitsverklaring. Deze vergoeding zit in de offerteprijs naar onze klant toe reeds verrekend en dient door de klant bijgevolg niet zelf aan BCCA betaald te worden.

Elk meet-rapport van een luchtdichtheidstest dient door de luchtdichtheidstester op een BCCA online-platform geplaatst te worden. Enkel erkende luchtdichtheidstesters kunnen op het betreffende platform aanmelden.

Indien aan alle voorwaarden uit de STS-P 71-3 voldaan zijn, zal voor het betreffende meet-rapport door BCCA een conformiteitsverklaring afgeleverd worden en kan de EPB-verslaggever de luchtdichtheidswaarde in de EPB-software invoeren.

Waarom luchtdicht bouwen

Wanneer een gebouw een slechte luchtdichtheid heeft, zal een groot deel van de warme binnenlucht doorheen de luchtlekken naar buiten stromen en tegelijkertijd zal koude buitenlucht doorheen deze luchtlekken het gebouw instromen. Hierdoor zal meer energie nodig zijn om het gebouw op te warmen met een hogere CO2 uitstoot en en hogere belasting van het milieu als gevolg.

Luchtdicht bouwen leidt tot energiebesparing, minder stookkosten, daling CO2 uitstoot en minder belasting van het milieu.

Door voldoende aandacht aan luchtdichtheid te besteden in de beginfase van een bouwproject, zal men een aangenaam binnenklimaat bekomen, waar tocht en ongewenste luchtstromingen doorheen luchtlekken geen kans krijgen. Bovendien zal een betere geluidsisolatie ervoor zorgen dat omgevingslawaai niet tot in het gebouw kan binnendringen.

Condensatie ontstaat waar warme (vochthoudende) binnenlucht plotseling in contact komt met een koud oppervlak. Koude oppervlakken ontstaan rond kieren en spleten (luchtlekken), waar de koude buitenlucht naar binnen komt. Hier zal het vocht uit de warme binnenlucht condenseren op het koude oppervlak met vorming vocht tot gevolg. De aanwezigheid van dit vocht kan schade veroorzaken.

Ervaring leert dat het vaak dezelfde bouwelementen (bouwknopen) zijn die een zwakke schakel vormen in het luchtdichtheidsscherm van een gebouw en zorgen voor luchtlekken. Juiste aanpak van, gebruik van geschikte materialen, voldoende aandacht voor juiste plaatsing en een goede afwerking van kritieke bouwknopen,met het oog op luchtdichtheid, heeft een positieve invloed op de luchtdichtheid van het gebouw.

Vaak voorkomende probleempunten

Waarom een luchtdichtheidstest

Sinds de invoering van de EBP-regelgeving (EPB= EnergiePrestaties en Binnenklimaat) in 2006, zijn de EPB-eisen stelselmatig strenger geworden.

Het niet voldoen aan het vooropgestelde E-peil uit de EPB-regelgeving resulteert automatisch tot boetes (opgelegd door de toezichthoudende overheid) die hoog kunnen oplopen!

Wat velen echter niet weten is dat de luchtdichtheid van een gebouw een zeer grote impact heeft op het berekende E-peil van een gebouw.

Indien men een luchtdichtheidstest of Blowerdoortest laat uitvoeren volgens de STC-P 71-3, kan de EPB-verslaggever de bekomen luchtdichtheidswaarde (v50) in de EPB-berekening op te nemen.

 

Voor de meeste nieuwbouw woningen betekent dit een daling met 5 tot 12 E-punten t.o.v. het E-peil dat men bekomt indien men de “luchtdichtheidswaarde bij ontstentenis” in rekening brengt.

 

De EPB-software houdt automatisch rekening met een zeer nadelige “luchtdichtheidswaarde bij ontstentenis” van v50 = 12m³/u.m². In werkelijkheid zal nagenoeg elke woning een veel betere luchtdichtheidswaarde hebben.

Indien men een luchtdichtheidstest of blowerdoortest laat uitvoeren door een erkend luchtdichtheidstester, volgens de vooropgestelde STS-P 71-3, kan de EPB-verslaggever de bekomen luchtdichtheidswaarde gebruiken om in de EPB-berekening op te nemen.

Voor de meeste nieuwbouw woningen betekent dit een daling met 5 tot 12 E-punten t.o.v. het E-peil dat men bekomt indien men de “luchtdichtheidswaarde bij ontstentenis” in rekening brengt.

Luchtdichtheidstest: Methode A of B

Er bestaan 2 soorten luchtdichtheidstesten:

 

METHODE A heeft tot doel om de luchtdichtheid van een gebouw in reële omstandigheden te meten. In de STS-P 71-3 spreekt men van een “standaard test”

Een luchtdichtheidsmeting die tot doel heeft om de luchtdichtheidswaarde in de EPB-software in te voeren moet verplicht uitgevoerd worden volgens “Methode A”.

Dit houdt in dat het te onderzoeken gebouw een bepaalde afwerkingsgraad moet hebben alvorens men de luchtdichtheidstest mag uitvoeren: gebouw is bepleisterd, technieken zijn aanwezig, verwarming geplaatst, verluchting aanwezig, ...

 

METHODE B heeft tot doel om de afwerkingskwaliteit van de gebouwschil te evalueren en wordt bij voorkeur uitgevoerd in combinatie met een rooktest.

Deze luchtdichtheidsmeting kan uitgevoerd worden wanneer nog niet alle werkzaamheden aan het gebouw zijn afgerond.

Dit houdt in dat men na het uitvoeren van deze test nog gemakkelijk kan ingrijpen om de luchtdichtheid van het gebouw te verbeteren en om luchtlekken weg te werken.

Rooktest

De bedoeling van een rooktest is het opsporen en het in kaart brengen van luchtlekken van een gebouw.

Een rooktest wordt uitgevoerd tijdens een luchtdichtheidstest, op het moment dat de ventilator in werking is.

De rookmachine genereert volkomen onschadelijke en geurloze witte rook die op de gebouwschil van een gebouw wordt geblazen.

De rook zal zich doorheen kieren en spleten (luchtlekken) verspreiden waardoor men visueel kan vaststellen waar de luchtdichtheid van de gebouwschil niet gegarandeerd is.

Uw luchtdichtheidstest: AB-SOLID

Verwijzingen

STS-P 71-3

Website over EPB-regelgeving

Website over luchtdichtheid:

Website over premies: